• Heufkensstraat

    I wanna run
    I want to hide
    I wanna tear down the walls
    That hold me inside
    I wanna reach out
    And touch the flame
    Where the streets have no name

    Kent u de Heufkensstraat? Waarschijnlijk niet. Tenzij u een 'local' bent of, wie weet, er al menigmaal bent doorgefietst.

    Wel, deze namiddag liep ik onder een aangenaam lentezonnetje wat rond te kuieren in de Heufkensstraat. Cee reed er zijn tweede koers van het seizoen en bijgevolg was papa 'van dienst'. Als chauffeur, mecanicien, verzorger, supporter, enz. Over de koers gaan we het hier niet hebben. Laat mij toe om te zeggen dat Ceekes nog ritme en power mist om 'in de koers' te zijn. Iets om in de paasvakantie wat aan te werken.

    DSCI0042.JPGDe Heufkensstraat ligt, net zoals het gehucht met dezelfde naam, in Zwalm. Meer bepaald in de deelgemeente Sint-Denijs-Boekel. Deze voormiddag was ik daar ook al voorbijgekomen. Om in een rit met de club naar Zwalm níet in Heufkensstraat te passeren, moet je als gids al van goede huize zijn. Wij zijn daar dus gepasseerd. De speciale touche zat hem vandaag in de manier waaróp we daar gepasseerd zijn. Links afslaan op de T waar we - bij mijn weten - met de groep nog nooit linksaf zijn gegaan. Linksaf op een punt waar het gewoontegetrouw en traditionelerwijs altijd rechts gaat. In de gokbureaus staan Heufkensstraat-Links en Heufkensstraat-Rechts 2148 tegen 1 genoteerd. Neen vandaag, deden we de Heufkensstraat in de stijgende richting, naar het dorp van Sint-Denijs-Boekel toe. Ik wou immers naar Horebeke, naar Marie-Jeanne.

    Het was de inspiratie van het moment die mij "Links" deed roepen, tot verwondering van de collega's (allen slechte gokkers). Zonder "Links" hadden we Zwalm-Horebeke 1 keer en Horebeke-Zwalm 2 keer Smarre aan ons koersbroek. En 2 keer dezelfde weg in 1 rit, dat is tegen mijn principes. Zeker als dat Smarre is.

    Wij dus links naar het dorp van Sint-Denijs-B. Het dorp waar Patat ooit pastoor werd. Maar dat is een ander verhaal. In Sint-Denijs-B bollen we de Franskouter in. Een weg als een biljart over de kam van de kouter. Mooi zicht links op de windmolen van Boekel. De rechte weg leidt ons naar dat andere Boekel, met patroonheilige Sint-Blasius. Zouden dat allemaal wel echte heiligen geweest zijn?, vraag ik mij af. Over Sint-Niklaas bestaan immers ook twijfels. En van, pakweg, Sint-Antelinks weten we helemaal zeker dat die nooit bestaan heeft. Sententelis heette dat dorp, tot er ergens in de late Middeleeuwen een katholieke 'draai' werd aan gegeven en de aloude heidense naam in de geschiedenis verdween. Sommige heiligen zijn schijnheiligen.

    In Sint-Blasius-B kan je als fantasietje Rijkekleie naar beneden rijden (jazeker, Rencapy, dat bestaat ook - noteer overigens ook de andere namen van vandaag), maar ik besluit het parcours eenvoudig te houden en met de groep op de grote baan te blijven. We zijn op weg naar Horebeke en daar wenkt ons de 2e helling van de dag: de Broekestraat, bij sommige anciens beter gekend als "de helling van Marie-Jeanne", wat toch veel mooier klinkt hé? Ook dat is een gans verhaal op zich, over Liefmans en verkleumde wintervoeten.

    De helling van Marie-Jeanne, valsplat met halfweg een kort ietwat steiler knikje (de helling, niet Marie-Jeanne, natuurlijk!) In volle seizoen gaat dat op de buitenplaat. Nu beginnen Bart en ik er iets rustiger aan. De groep volgt. Dan komt het knikje, naast mij zie ik Bart iets wegzakken. Met de soepele Cancellara-tred van gisteren op TV in mijn gedachten, besluit ik mijn tempo iets op te voeren. Ik hoor, neen, ik voél de groep achter mij op 1 lijn kruipen. Terwijl ik de pedalen blijf rondpeddelen, geniet ik van de binnenpret. Langzaam je achtervolgers de strot dichtknijpen, tot enkel nog die met de grootste asem in je wiel overblijven. Een pathologische afwijking van mij. Ik amuseer mij met mijn kortstondige wielermoordgenoegens. 't Was al een hele tijd geleden en dan geeft dat dubbel plezier, nietwaar!

    Enfin we zijn allemaal zonder problemen Marie-Jeanne opgereden. En langs het rustoord 'Vlaamse Ardennen' terug naar beneden gebold. Naar Smarre en Heufkensstraat. Voor een verdere tocht naar Meilegem met zijn verdwenen 'Saksenboom'. Ooit, Meilegem in de mist. Elk dorp heeft hier zijn verhaal.

    ***

    Zonet in de TV-serie 'de Ronde' een treffende uitspraak. Zegt de regisseur op de Koppenberg, na de doortocht van de koers, aan de regiekamer aan de aankomstlijn: "Pak maar over, Meerbeke. 't Is terug voor jullie." Hé, dat is iets om volgende keer een kleinigheid over te schrijven.

    ***

    Ok, there we go: U2 met "Where The Streets Have No Name": http://www.youtube.com/watch?v=uDkBzkA9L4s

  • La Vall d'Ebo

     

    Vuelta Turistica logo.jpgGisteren, donderdag. Vierde rit in onze Vuelta Turistica. Na de rustdag is de ganse groep terug van de partij. Ook de arm- en beenstukken gaan opnieuw mee. Een paar vroege zonnestralen laten mij nog even hopen op wat meer warmte dan de vorige dagen, maar bij het zien van mijn ingeduffelde collega's besluit ik toch maar hun voorbeeld te volgen en mijn beenverwarmers aan te trekken. Een geluk! Een deel van de rit zal vandaag aan 8 (acht) °Celsius verlopen! Brrrrr! Cee, zonder beenwarmers, had alleen maar koude voeten zei hij, maar ja, die zitten bij hem ook een heel stuk verder verwijderd van de centrale verwarming, nietwaar!

    De rit zelf? Prachtig parcours. Opwarming richting Xaló, daarna een smalle bochtige weg doorheen de 'appelsiengaarden'. Een doorsteekje langs de Boucles de Deneut. :)) We bollen verder langs mooie wegen naar Pego waar de col van de dag ons opwacht. La Vall d'Ebo, 8 km klimmen. Vooraan wordt het tempo strak gehouden. Ceekes doet duchtig mee. Weet die dat Patrick V daar naast hem een ex-prof is? En Tony DL een oud-liefhebber? En onze Nederlandse vrienden geroutineerde Trans-Alp-rijders? Enfin, Cee's enthoesiasme duurt zijn tijd, tot ik zoonlief weer inloop en hem aanmaan rustig verder te rijden.

    De weg kronkelt mooi omhoog. Spijtig dat de zon het laat afweten. Ik tracht uit de weerstandszone te blijven, maar dat lukt mij niet. Maar dit is een col natuurlijk en misschien is dat wat te hoog gegrepen. Vooraan zie ik Andries, de man uit de streek van Gouda, de kopgroep aan diggelen rijden. Op zijn trui staat niet voor niets "afbraakwerken". Die rijdt met de dag beter. Mooi! Ik bereik een minuut later zwetend de top. Cee volgt kort achter mij.

    DSCI0514.JPGVall d'Ebo wordt niet het lastigste deel van het parcours. Boven de korte helling van Cova del Rull, 16%, een soort Berendries, vind ik het nodig om even halt te houden voor een korte fotosessie. Dat levert mij een paar mooie souvenirfoto's op, maar de groep wacht niet en ik ben verplicht om het gat terug dicht te rijden. Te snel gestart lukt mij dat niet. Op het golfplaatparcours dat volgt vind ik geen ritme en ik slaag er zelfs niet in om het wiel te houden van de gidsen Marc en Patrick die mij opwachten. In dit landschap is een motor opblazen geen kunst. Een verwittigd man...

    Het verder verloop van de rit is gelukkig vooral dalend en mijn energieniveaus geraken terug op peil. We eindigen onze rit in Calpe met 130km op de teller aan een gemiddelde van 27,5km/h. De afsluitende spaghetti in restaurant Art & Café geeft ons de gelegenheid om de voorbije week nog even te herkauwen. Met een dikke 400km en een pak hoogtemeters is onze Vuelta Turistica een sportief geslaagd hoogtepunt. Voeg daar de uitstekende organisatie door Patrick, Kathy en het team bij en de toffe sfeer in de groep, en dan weet je al dat dit evenement naar nog smaakt. Volgend jaar opnieuw? Met ietwat beter weer.

  • Dalen als een valk

    Vuelta Turistica logo.jpgVandaag onze 3e rit in de Vuelta Turistica. Voor de meeste deelnemers een welgekomen 'rustige rit' na de relatief zware tocht van gisteren. Om regen te vermijden bieden onze gidsen ons een tocht langsheen de kustlijn aan, richting Cap de la Nao. Kustlijn staat aan de Costa Blanca niet gelijk met vlak, zoals in België. Hier mogen we alvast de ketting een hele tijd op de kleine plaat leggen. De Cap biedt normaliter een mooi uitzicht op Mar Mediterráneo, maar vandaag moeten we het stellen met een grijsmistig panorama. Maar we blijven droog, en dat is nu toch wel onze grootste bekommernis. De facultatieve apotheose in Calpe, een soort "Poggio di Calpe", gebruiken we om nog even onze competitie-instincten los te laten. Meegelokt in een nepdémarrage van onze gids, slaag ik er bovenop de helling nog net in om uit de greep van een 4-tal achtervolgers te blijven. Gelukkig voor mij volgt hierop geen verplichte rush naar een finish in San Remo en kan ik mijn morele winst in gedachten verzilveren. Morgen is het rustdag. Oef!

    Na onze Poggio volgt een plezante bochtige afdaling naar Calpe. En over afdalen zou het vandaag gaan, nietwaar.

    Gisteren, na een lange afdaling, komt het gesprek op de positie van de handen bij een afdaling van een col. Ik heb daar - blijkbaar - een andere opinie over dan zowat de rest van de wielerwereld. Nochtans ben ik - in alle bescheidenheid - geen slechte daler.

    Mijn stelling: "handen bovenop de remgrepen in een bochtige afdaling"

    Stelling van de wielerwereld: "handen onderaan in de stuurbeugel"

    Op mijn vraag: "Waarom?", volgen dan de argumenten die ik steeds hoor:

    1) Alle profs dalen een col af met de handen onderaan in de stuurbeugel.

    Dat klopt: profs dalen steevast cols af met de handen onderaan in de beugel. Maar profs zijn voor mij geen echte referentie. Een groep twintigers die de stiel leert van 'ervaren' collega's, die zelf de stiel geleerd hebben van... Wie de laatste ritten in Parijs-Nice heeft gezien, weet wat ik bedoel. 

    2) Met de handen onderaan in de stuurbeugel kan je beter sturen.

    Op zich al een iets degelijker antwoord: in de plaats van te verwijzen naar wat velen doen, tracht men hier al een echte reden mee te geven. Maar ook deze redenering gaat voor mij de lappenmand in. Met de handen onderaan in de beugel stuur je helemaal niet beter. Waarom niet?

    Ja, waarom niet?

    Laat ik mijn 3 argumenten geven.

    Gewichtsverdeling op de fiets. Goed dalen en bochten nemen is vooral een spel met de gewichtsverdeling van de renner op de fiets. Een bocht nemen doe je niet door echt veel aan het stuur te draaien. Het is vooral de zijwaartse kanteling van renner en fiets die de combinatie van renner en fiets door een bocht brengt. Skiërs en mountainbikers kennen deze beweging heel goed. Het spelen met de positie van de romp (bijvoorbeeld omhoog-omlaag, links-rechts) laat een skiër, mountainbiker of renner toe om elke bocht op een optimale manier te nemen. Ja zelfs te corrigeren in de bocht mocht dat nodig zijn. Wie onderin de stuurbeugel zit heeft slechts 1 goede route doorheen een bocht: wordt die gemist, dan is er geen mogelijkheid meer om te corrigeren en gaat het pas echt fout.

    Overzicht over de bocht. De bocht naderen met de handen bovenop het stuur laat toe om heel rechtop te zitten en de bocht visueel af te speuren. Dat gaat veel beter wanneer je rechtop zit dan voor wie intussen met zijn neus op zijn stuur geplakt zit. Zelf ga ik naar de bocht toe en snijd ik die aan zoals een motard dat doet: rechtop, zonder remmen, tot vlak voor de bocht. Intussen observeer ik de kromtestraal van de bocht, de staat van het wegdek en de positie en de route van de andere renners. Die laatsten zijn meestal heel geconcentreerd bezig met hun bochten- en remwerk en hebben geen tijd om veel verder te kijken dan het wiel van hun voorligger.

    Remmen. Met de vingers onderaan de remgrepen, waar de hefboom het grootst is, zal elk (plots of paniekerig) inknijpen van de remhendels de sterkste remstoot geven. Voeg daarbij dat het gewicht vooral op het voorwiel drukt, en je ziet het achterwiel zó schuiven. Remmen en gewichtsverdeling op de fiets gaan overiigens samen: mountainbikers weten dat in een afdaling de voorrem de meeste remkracht geeft maar dat je, wanneer nodig, ook de achterrem kan doen meehelpen door je gewicht naar achter op de fiets te verplaatsen, achter het zadel. Remmen is dus ook spelen met je gewicht. 

     

    Bekijk de val van Joseba Beloki in de Tour 2003: http://www.youtube.com/watch?v=h_8m5-sR6I4  Pas de bovenstaande redenering toe op Beloki's actie. Joseba zit met de handen onderaan het stuur en wil - met Armstrong in het wiel - zo snel mogelijk dalen. Hij schat de haarspeldbocht naar rechts compleet verkeerd in - hoe zou hij immers kunnen zien waar die bocht naartoe leidt? Beloki panikeert. De remmen gaan dicht, het achterwiel gaat in een slip, de fiets is onbestuurbaar en gaat finaal onderuit. Einde van Beloki's topcarrière als Tourrenner. 

    Een collega-deelnemer aan l'Etape du Tour 2009 gaf mij tijdens de rit een mooi compliment: "Je daalt als een valk." Misschien is dit tegelijk de raad die ik eenieder kan meegeven om op een snelle en veilige wijze een bochtige col af te rijden: "Daal als een valk."

    Mijn stelling is misschien wat te sterk gepolariseerd. Wie stevige tegenargumenten heeft, laat maar horen. Maar kom a.u.b. niet af met wat profs doen. Want profs nemen net iets teveel risico's.

    ***


    big_col__du_perjuret.jpgNog een kleine anekdote. In 2008 daalde ik de Col de Perjuret af, in de Cévennes. Dit is de col waar in de Tour van 1960 de Franse renner Roger Rivière verongelukte:

    "Nencini begon als eerste aan de afdaling van de Col de Perjuret. Rivière was de betere daler en wilde het gat met Nencini verkleinen. Hij nam te veel risico, botste tegen een blok langs de weg en viel tien meter diep in een ravijn. Een tapijt van takken redde zijn leven, maar hij kon alleen zijn hoofd nog bewegen. Hij werd per helikopter geëvacueerd naar het ziekenhuis in Montpellier, waar men een dubbele breuk aan de wervelkolom en een onherroepelijke verlamming voor 80% vaststelde. Het betekende een abrupt einde aan de carrière van één van Frankrijks meest veelbelovende profs." (Wikipedia)

    Ik kende dit verhaal toen ik, komende vanuit Meyruis, aan mijn afdaling begon, benieuwd om kennis te maken met de bewuste bocht. Wel, niettegenstaande mijn voorkennis én een bord "Virage dangereux", heeft de bewuste "virage" mij toch nog verrast. De Perjuret heeft maar 1 heel slinkse bocht, een van 90°, naar links. Geen zicht naar links vanwege de rotswand. Wegdek helt verkeerd en is heel oneffen (door afremmende vierwielers?). Ik heb daar op die plaats al mijn mountainbikekunsten mogen aanspreken en ben achter mijn zadel gaan hangen om zowel achterrem als voorrem alle kracht te laten geven om mijn snelheid te matigen en de bocht toch goed te nemen. Ik wist direct dat dit Rivières bocht was. En ik besefte even snel dat ik met de handen onderin de stuurbeugel eveneens veel kans had gemaakt op een schuiver of misschien ... een duik in de dieperik.

  • Vuelta Turistica

     

    DSC00585.JPG

     

    Hola! Groeten vanuit de Vuelta Turistica!

    15 graden en een straffe wind vandaag. Voor de volgende dagen verwacht men zowaar een spatje regen. Het weer aan de Costa Blanca is rond dit tijdstip normaliter veel beter, weten de 'lokalen' van Calpe ons te zeggen. Dat geloven wij. Het is niet de eerste keer dat wij dat meemaken. Wij hadden enkele jaren terug al tegenslachtige ervaringen met het nukkige weer op het Spaanse vasteland. Ooit, in een paasvakantie, half april, nabij Marbella: met moeite 18° en dagelijks een portie regen of buien, terwijl men in den Belgiek genoot van een vroeg-zomerse 25° in thermometerhut. Om je kas op te fretten is dat. Deze keer valt het 'mindere' weer ons psychologisch iets beter mee: in Vlaanderen is het maar 7°! Wij reden hier vandaag de ganse dag in de zon. Voilà, het eerste kleurtje op onze blote benen.

    Vuelta Turistica logo.jpgEn als we ons niet aan de zon konden verwarmen, dan was dat geen enkel probleem met het reliëf. Na de inrij-rit van gisteren zondag, 88km, werden we vandaag verwelkomd op een stevige 'wandeling' van 105km, met onderweg de nodige klimpartijen. Hoogtepunt: de 10km klim naar Tarbena. Een prachtige omgeving om er te fietsen, daar niet van. Maar je kan er jezelf serieus tegengekomen. Zoals ik vandaag. Niet willen toegeven dat ik geen juniores meer moet volgen. En dan met polsslag en al in de weerstandszone terechtkomen. Dat doe je geen kilometers aan een stuk ongestraft en ik zie mijzelf verplicht om gas terug te nemen. Heel wat gas zelfs. Mijn directe achtervolgers, 5 scherpgetrainde Nederlanders en 1 supersterk rijdende streek- en leeftijdsgenoot, lopen mij weer in en laten mij vervolgens meedogenloos achter. Mijn klimspecifiek vermogen blijkt meer van het diesel- dan van het turbodieseltype te zijn. Bij deze weten we gelijk waar we staan. Take it easy, dus. Wordt vervolgd.

    In een volgende post filosoferen we over hoe je best een (bochtige) col afrijdt: met de handen laag in de stuurbeugel, of boven op de remgrepen? Een heel controversieel onderwerp blijkbaar...

  • Be free with your tempo

    innuendo.JPGYou can be anything you want to be
    Just turn yourself into anything you think that you could ever be
    Be free with your tempo, be free be free
    Surrender your ego - be free, be free to yourself



    Hoe ver kan een mens verstarren in tradities en 'normale' gewoonten? Wanneer zijn alternatieven nog mogelijk? En wanneer is het daarvoor te laat? Soms stel ik mij die vraag. Op het werk. Thuis. Op de fiets. Gewoonten en tradities zijn gevaarlijke zaken: je ziet die niet aankomen. Tegen dat je erover spreekt zijn ze er al een hele tijd. En als ze er zijn, moeten ze dan ook blijven? Dienen tradities om ze in stand te houden?

    Ik vind van niet. Tradities zijn er volgens mij om juist niet in stand te houden!

    Behalve mijn januaririt naar de Varent, natuurlijk.

    Of begin april de finale rijden van de Ronde van Vlaanderen.

    Of zeker de Ventoux beklimmen wanneer we in de Vaucluse of de Luberon logeren.

    Of minstens la Redoute, Côte de Wanne en Col du Rosier oprijden als ik met een fiets ook maar enigszins in de buurt ben van Stavelot.

    En ook Stockeu.

    En de Chambralles.

    Nee, tradities hoeven zeker niet. Leve de afwisseling en de verandering! Leve de fietselijke vrijheid om te rollen en te bollen waar men wil!

    lange route - elevation.JPG

    En zo krijg ik dat dan in mijn hoofd om zondagnamiddag in de plaats van naar Kuurne-Ninove-Kuurne te kijken, gewoonweg even naar Leuven te fietsen. Een kleine 75km.

    Langs Asse en Grimbergen. De traditionele weg naar Elewijt. Dat mag. Uitzonderlijk. Voor 1 keer. 

    Daarna naar Kampenhout. Changement de parcours. Afwisseling. Yes!!!

    Een half uur rondgedoold in Erps-Kwerps. Straat in, straat weer uit. Compleet het noorden kwijt. Ik heb geen gps op mijn fiets. Veel te fier daarvoor. Leve de traditionele technieken! Maar een stuk Michelinkaart in je achterzak helpt niet als je niet weet of je in Erps of in Kwerps bent. Wegwijzers kennen ze daar niet. Ja, naar Kampenhout. Maar vandaar kom ik.

    Dan maar de weg gevraagd. Binnenweg onderbroken door wegenwerken? Enige alternatief is langs de Brusselse steenweg? Pfff! Fietspadenactie. Met en surplus nog wat regen op mijn kop. Maar ik hou de moed erin. Verandering moet zijn! Leve de nieuwe initiatieven! Weg van het normale parkoers!

    Ik arriveer dik een half uur later dan verwacht in de studentenstad. Ochtendrit inclusief, staan er 123 kilometerkes op mijn dagteller. Goed zo! Cee sms't mij dat Sutton in Kuurne gewonnen heeft. Voilà, you can be anything you want to be. The sky is the limit! Be free with your tempo, be free, be free!

    We sluiten de week af met wat Lybische beelden, maar ook met carnavalsmoelen en de eerste Spaanse klanken in Queens Innuendo: http://www.youtube.com/watch?v=cpys1c3jCNs